Het gevoel dat je leven “beter zou moeten zijn”
Steeds meer mensen lopen rond met de nagende gedachte dat hun leven ergens tekortschiet, maar weten niet waar ze moeten beginnen. Experts zijn het er unaniem over eens: geluk is geen loterijprijs. Het is een toestand die je stap voor stap opbouwt door je eigen keuzes en dagelijkse gewoonten.
Psychologe en coach Nanni Glück legt uit dat een gevoel van tevredenheid geen willekeurig geschenk van het lot is. Het is een bewuste gemoedstoestand die je zelf vormgeeft — door hoe je beslist, welke gewoonten je kweekt en hoe je de wereld om je heen waarneemt.
Waarom we denken dat geluk afhangt van toeval
In het Duits — de taal van deze deskundige — heeft het woord voor geluk twee betekenissen: zowel “geluk hebben” als “gelukkig zijn”. Die dubbelzinnigheid voedt al snel de overtuiging dat we geen controle hebben over onze eigen tevredenheid, omdat alles van toeval afhangt. De psychologie ziet dat echter heel anders.
Wetenschappers spreken liever van “subjectief welbevinden”. Dat is een stuk stabieler dan de vluchtige euforie na een promotie, het begin van een nieuwe relatie of een geslaagde vakantie. Het gaat niet om een eenmalige emotionele piek, maar om een rustig en langdurig besef: “Over het geheel genomen gaat het me goed.” Permanent in euforie leven is simpelweg onmogelijk — maar volgens de psychologe kunnen we wel degelijk grotendeels beïnvloeden of ons leven zinvol aanvoelt en of we de meeste dagen doorkomen met het gevoel dat de dingen in wezen oké zijn, ook wanneer er moeilijke momenten komen.
De val van “als dat maar lukt, dan ben ik gelukkig”
Veel mensen koppelen hun tevredenheid stevig aan externe gebeurtenissen. Het klassieke denkpatroon klinkt als: “Als ik van job verander, als ik een partner vind, als ik eindelijk met pensioen ga — dán pas kan ik opgelucht ademhalen.” Nanni Glück noemt dit de “als-dan-val”.
Het resultaat is een voortdurend uitstellen van geluk naar de toekomst. Er moet altijd nog één stap komen, nog één verandering, voordat we onszelf überhaupt toestaan ons goed te voelen op de plek waar we nu zijn. De consequentie laat zich makkelijk raden — eeuwig wachten, leven in de “later”-modus en het gevoel dat het heden slechts een saaie gang is die leidt naar een beter leven dat nooit aankomt.
De psychologe idealiseert de realiteit daarbij geenszins. Ze benadrukt dat welzijn niet in een vacuüm ontstaat. Er bestaan bepaalde fundamenten zonder dewelke het moeilijk is om over innerlijk evenwicht te spreken: basisveiligheid — een plek om te wonen, voldoende voedsel, financiële stabiliteit — minstens één persoon met wie je openlijk kunt praten, en een lichamelijke gezondheid die je niet beperkt in alles wat je wilt doen.
Pas wanneer deze fundamenten min of meer op orde zijn, stelt zich de zinvolle vraag: wat kan ik nog doen om meer volgens mezelf te leven, mijn sterke kanten te benutten en betekenis te vinden in wat ik doe?
De blik verschuiven van “wat ontbreekt” naar “wat ik al heb”
Een van de kernpunten die de psychologe benadrukt, is het verleggen van de aandacht. In plaats van te focussen op tekortkomingen raadt ze aan jezelf regelmatig twee eenvoudige vragen te stellen: Waar ben ik vandaag echt dankbaar voor? Wat is er in mijn leven al goed genoeg — ook al is het niet perfect?
Het gaat niet om naïef jezelf wijsmaken dat alles geweldig is. Het gaat om een evenwichtiger kijk op de werkelijkheid. Wanneer we bewust opmerken wat wél werkt, ontdekken we doorgaans dat we niet van nul beginnen — we hebben relaties, vaardigheden, ervaringen én kleine dagelijkse bronnen van vreugde.
Die verschuiving van tekort naar bron vermindert spanning en geeft het gevoel dat we al veel van wat we nodig hebben in onszelf dragen voor een rustiger leven. “Dankbaarheidstraining” klinkt voor velen misschien banaal. Onderzoek toont echter aan dat regelmatig aandacht besteden aan kleine positieve momenten van de dag aantoonbaar de stressniveaus verlaagt en een vriendelijkere verhouding tot jezelf bevordert.
Kleine experimenten die dagelijkse vreugde versterken
Nanni Glück moedigt ons aan het werken aan tevredenheid niet te zien als een zwaar project, maar als een reeks kleine experimenten die je gemakkelijk in een gewone dag kunt verweven. Op momenten waarop we echt aanwezig zijn — niet vastgekluisterd aan onze telefoon of verloren in gedachten — voelen we eerder een levendige energie dan louter vermoeidheid.
Om terug in contact te komen met het lichaam en de zintuigen beveelt de psychologe het volgende aan:
- een korte koude bad of een snelle koude douche ’s ochtends
- een wandeling op blote voeten door gras, zand of tapijt thuis
- een paar minuten bewuste beweging — rekken, een korte wandeling of dansen op een favoriete nummer
- werken met een sterke zintuiglijke prikkel, zoals de geur van lavendel of eucalyptus
Zelfs een heel eenvoudige zintuiglijke prikkel kan de automatische piloot doorbreken en je helpen opnieuw je eigen lichaam, adem en het huidige moment te gewaarworden.
Het gevoel van vitaliteit groeit ook wanneer we dingen net even anders doen dan gewoonlijk. Het hoeft geen radicale verandering te zijn zoals je baan opzeggen. Kleine afwijkingen van het patroon volstaan — een andere route naar het werk kiezen, de volgorde van je ochtendritme omgooien of tijdens een avondwandeling het principe “twee keer links, één keer rechts” uitproberen en kijken waar je uitkomt.
De hersenen houden van nieuwigheid. Wanneer we dingen net iets anders aanpakken, wordt nieuwsgierigheid geactiveerd, komen er kleine doses positieve emoties vrij en verdwijnt het gevoel van “alweer zo’n identieke dag”.
Gun jezelf ook wat plezier en speelsheid
Een ander belangrijk element is gewone vreugde in speelsheid. De psychologe herinnert eraan dat de hersenen tijdens plezier gemakkelijker leren en nieuwe verbindingen aanmaken — neuroplasticiteit in zijn meest praktische vorm. En daarvoor heb je helemaal geen kinderen nodig.
Tekenen zonder doel, krabbelen op een vel papier als een schoolkind, een simpel bord- of kaartspel spelen, of een mini-uitdaging bedenken met iemand die je dierbaar is — bijvoorbeeld “vijf minuten alleen maar vragen stellen aan elkaar” — zulke kleine dingen ontspannen én trainen flexibelere reacties op alledaagse stress.
Onderzoekers stelden vast dat mensen die zichzelf regelmatig speelse momenten gunnen, hun werklast beter aankunnen en een lagere concentratie cortisol — het stresshormoon — hebben. Zelfs even spelen met een huisdier, een kat of een hond, kan binnen tien minuten de stemming verbeteren en angstgevoelens verminderen.
Je mag tevreden zijn, ook al gebeuren er zoveel zware dingen in de wereld
Veel mensen dragen tegenwoordig het gevoel met zich mee dat we leven in een tijd van “voortdurende crises” — gewapende conflicten, klimaatverandering, economische onzekerheid. Vanzelfsprekend duikt dan de innerlijke vraag op: “Heb ik eigenlijk het recht me goed te voelen, terwijl er op de achtergrond zulke ernstige dingen plaatsvinden?”
Nanni Glück omschrijft dit als een uitdaging die samenhangt met het verdragen van innerlijke tegenstrijdigheden. Twee dingen kunnen rustig naast elkaar bestaan — het bewustzijn van lijden en angst voor de toekomst enerzijds, en kleine persoonlijke momenten van vreugde of opluchting anderzijds. Afstand doen van je eigen welzijn maakt de problemen van de wereld niet kleiner, maar berooft je wel van de energie die je nodig hebt om daar waar je werkelijk invloed hebt, echt te handelen.
Wanneer we chronisch gestrest zijn, overladen met informatie en voortdurend bezig met zorgen, schakelen we over op blinde reactiemodus. We vinden dan minder makkelijk creatieve ideeën, empathie of zelfs gewoon geduld met anderen. De psychologe benadrukt dat zorgen voor je eigen bronnen niet in tegenspraak is met gevoeligheid voor de problemen van de omgeving. Integendeel — wie anderen wil steunen, verstandig wil reageren op crises en oplossingen wil zoeken, heeft psychische én fysieke kracht nodig.
In de praktijk kan dit heel concrete stappen betekenen: de tijd op nieuwssites beperken, vaste slaapuren instellen, minstens één hechte relatie onderhouden waarin je openlijk kunt praten over zorgen én dromen. Je emotionele leven uitblussen uit schuldgevoel maakt de wereld er niet beter op. Het vergroot eerder de groep uitgeputte en gelaten mensen die zelfs bij kleine lokale kwesties niet meer in beweging komen.
Geluk als een vriendschappelijke verhouding met je eigen leven
Nanni Glück herinnert eraan dat het doel geen eeuwige opwinding is, noch doen alsof alles perfect in orde is. Het gaat veeleer om een bepaalde vorm van vriendschap met je eigen leven — de aanvaarding van het feit dat er crises, verveling en verliezen zullen komen, en dat je je desondanks over het algemeen goed kunt voelen in je eigen vel.
Zo’n aanpak laat alle ruimte voor ambities en persoonlijke groei, maar maakt de zin van het leven niet afhankelijk van nog meer successen. Het leert ook dat veel instrumenten voor tevredenheid al binnen ons bereik liggen — de manier waarop we gebeurtenissen interpreteren, kleine rituelen doorheen de dag, de toon waarop we in onze eigen gedachten tegen onszelf spreken.
Voor wie wil beginnen met iets eenvoudigs, kan een goed eerste stap een weekexperiment zijn: elke avond drie dingen opschrijven die minstens een beetje goed gingen of een vonkje van tevredenheid brachten. Na een paar dagen zie je doorgaans duidelijk dat er naast de problemen ook fragmenten van de dag bestaan die een stille, onopvallende vreugde met zich meedragen.
Zulke kleine praktijken stapelen zich na verloop van tijd op tot nieuwe gewoonten. En precies die — aldus psychologen — bepalen of ons dagelijkse leven zal aanvoelen als een eindeloze race, dan wel als een weg waarop we ondanks de bochten af en toe kunnen zeggen: “Ja, dit leven past bij mij.”













