Een kosmisch signaal dat nergens in past
Radiotelescopen op het Australische continent hebben een pulserend kosmisch signaal opgevangen dat zich met grote regelmaat om de 36 minuten herhaalt en absoluut niet past binnen enig bekend model van sterobjecten. Wetenschappers hebben deze bron de naam ASKAP J1424 gegeven en debatteren volop over de vraag of het gaat om een exotisch systeem met een witte dwerg, of om een volledig nieuw type kosmisch lichaam.
De fysica achter dit object wacht nog steeds op een verklaring. Het kan gaan om een uitzonderlijk zeldzaam astronomisch systeem, of om iets wat de wetenschap tot op heden helemaal niet had voorzien.
Hoe en waar het signaal werd ontdekt
De bron ASKAP J1424 werd opgespoord door het netwerk van radiotelescopen van de Australian SKA Pathfinder, verspreid over de afgelegen gebieden van West-Australië. Dit instrument maakt deel uit van het grootschalige project Evolutionary Map of the Universe, dat systematisch enorme stukken van de hemel doorzoekt op zoek naar veranderlijke en kortdurende radiosignalen.
In januari 2025 analyseerden astronomen tienuursobservaties met bijzondere aandacht voor de zogenoemde circulaire polarisatie van radiogolven. Precies in deze gegevens sprong een opvallend sterk en regelmatig terugkerend signaal van ASKAP J1424 naar voren. De onderzoeksresultaten verschenen begin maart 2026 op het wetenschappelijke platform arXiv en trokken onmiddellijk de aandacht van experts die sterren met extreme magnetische velden en exotische dubbelsterrestelsels bestuderen.
Wat het object ASKAP J1424 zo verrassend maakt
Het meest opvallende kenmerk van deze bron is de periode van ongeveer 2147 seconden, ofwel iets minder dan 36 minuten. Vergeleken met bekende kosmische objecten is dat een bijzonder lange tijdsduur. Gewone radiopulsars zenden impulsen uit met een interval van een seconde of nog korter, en zelfs magnetars bewegen zich in het bereik van enkele seconden.
Het gaat dus om een traag, maar verrassend stabiel ritme. Gedurende acht volle dagen van ononderbroken observatie behield de bron een vrijwel identieke impulsvorm. Geen plotse uitval, geen dramatische helderheidsveranderingen, geen onstabiel “hikken” zoals typisch is voor grillige objecten.
Zo’n combinatie van een extreem lange periode en opmerkelijke stabiliteit valt met standaardmodellen voor neutronensterren simpelweg niet te verklaren. Wetenschappers geven openlijk toe dat de beschikbare gegevens niet volstaan voor een eenduidige conclusie — of er nu een systeem met een witte dwerg achter het signaal schuilt, of iets wat compleet anders is.
ASKAP J1424 pulste acht achtereenvolgende dagen ononderbroken, als een perfect afgestelde kosmische vuurtoren. Precies die volharding en nauwkeurigheid maken het tot een echte uitdaging voor de astrofysica.
Honderd procent polarisatie en geen enkel optisch tegenspeler
Een tweede eigenschap die wetenschappers hoofdbrekens bezorgt, is de polarisatie van het opgevangen signaal. ASKAP J1424 is niet alleen sterk gepolariseerd — metingen toonden aan dat het signaal gedurende de volledige duur van de impuls vrijwel honderd procent gepolariseerd is.
Aan het begin van de impuls heeft de golf een elliptische vorm, die geleidelijk overgaat in een bijna volmaakt lineaire rangschikking. Zo’n “dansende” uitlijning van het elektrische en magnetische veld wijst duidelijk op een zeer gestructureerd en sterk magnetisch veld in de directe omgeving van de bron.
Ondanks de inzet van gevoelige optische telescopen en infraroodapparatuur kon ASKAP J1424 niet worden gekoppeld aan enige zichtbare ster of verre sterrenstelsel. Voor astronomen bestaat dit object in wezen uitsluitend als radiozender. De belangrijkste eigenschappen van het object op een rij:
- Periode van 36 minuten — uitzonderlijk lang vergeleken met bekende objecten
- Stabiele impulsen gedurende acht ononderbroken dagen
- Polarisatie die de honderd procent benadert
- Geen begeleidend signaal in het zichtbare of infrarode spectrum
- Bijzonder geordende structuur van het magnetische veld
- Regelmaat vergelijkbaar met een atoomklok
In de astronomie maken waarnemingen over het volledige spectrum het doorgaans mogelijk een volledig portret van een onderzocht object samen te stellen. Die luxe ontbreekt hier volledig. Zonder een duidelijk tegenspeler in andere golflengtegebieden is het uiterst moeilijk om de afstand, de massa of de galactische omgeving van het object te schatten. Het gevolg is dat de eerste analyse eindigde met een groot aantal mogelijke scenario’s en slechts een karige set harde waarnemingsgegevens.
Een witte dwerg in een nauw paar, of iets volledig onbekends?
Een van de hypothesen in het onderzoeksartikel gaat ervan uit dat ASKAP J1424 een nauw dubbelsterrensysteem met een witte dwerg is — een “dode” ster van ongeveer de grootte van de Aarde, maar met een massa vergelijkbaar met die van de Zon. Zo’n object beschikt over een sterk gravitationeel én magnetisch veld, en de wisselwerking met een nabijgelegen begeleiderster kan krachtige radio-emissie veroorzaken.
In dit scenario spelen de interacties tussen het magnetische veld van de witte dwerg en de sterrenwind van de begeleidende ster een sleutelrol. De stroom geladen deeltjes functioneert als een geleider waarin sterke elektrische stromen ontstaan, die vervolgens radiostraling opwekken. De periode van 36 minuten zou dan kunnen overeenkomen met de rotatie van de witte dwerg of de geometrische opbouw van het gehele systeem.
Wetenschappers overwegen echter ook andere scenario’s — een zeer ongewone magneetar, een pulsar in een extreem sterk magnetisch veld, of zelfs een volledig nieuwe klasse van langperiodieke radioobjecten die tot nu toe aan de aandacht ontsnapten door onvoldoende gevoeligheid van instrumenten en te korte observatiecampagnes.
Als vervolgobservaties bevestigen dat ASKAP J1424 slechts één vertegenwoordiger is van een bredere groep vergelijkbare objecten, krijgen astronomen een waardevolle aanwijzing over hoe vaak sterren hun leven eindigen in dergelijke exotische configuraties. Voor fysici van kosmisch plasma vormt het tegelijkertijd een natuurlijk laboratorium voor het toetsen van theorieën over elektrische geleidbaarheid, deeltjesversnelling en het ontstaan van radiogolven onder extreme omstandigheden.
Hoe wetenschappers het raadsel denken te ontrafelen
Het team dat de ASKAP-gegevens analyseerde, benadrukt sterk de noodzaak van aanvullende observaties — zowel via voortgezette radiomonitoring als via een bredere campagne met verschillende typen telescopen. Gepland zijn onder meer nieuwe observatiesessies in het kader van het programma VAST (Variables And Slow Transients), uitgevoerd met het ASKAP-netwerk.
Onderzoekers zoeken antwoorden op een aantal ogenschijnlijk eenvoudige maar cruciale vragen:
- Zendt de bron continu signalen uit, of alleen tijdens bepaalde actieve fasen?
- Verandert de vorm van de radio-impuls in de loop van de tijd?
- Is er in andere golflengtegebieden ook maar een zwak spoor van een begeleidend object te vangen?
- Bestaan er in hetzelfde hemelgebied nog zwakkere bronnen van soortgelijk karakter?
- Wat is de exacte afstand en positie van het object in ons Melkwegstelsel?
- Kan het signaal in verband worden gebracht met andere kosmische verschijnselen in dat gebied?
De tweede fase van het VAST-programma, gericht op gebieden die bijzonder rijk zijn aan veranderlijke radiosignalen, biedt een uitstekende kans om ASKAP J1424 in verschillende activiteitsfasen te observeren. Langdurige observatiecampagnes zullen uitwijzen of acht ononderbroken dagen van emissie de gewone regel is, of slechts een gelukkig toeval.
Elke toename in gevoeligheid en scansnelheid — of dat nu via ASKAP is of via het geplande Square Kilometre Array-project — opent de deur voor nieuwe verrassingen. ASKAP J1424 is een van de eerste opvallende signalen dat langperiodieke radiobronnen tal van ongewone verhalen over sterevolutie kunnen verbergen die tot nu toe volledig aan onze aandacht zijn ontsnapt.
Wat mysterieuze signalen ons vertellen over extreme sterrestelsels
Langperiodieke radiobronnen zoals ASKAP J1424 behoren nog steeds tot de astronomische zeldzaamheden. Elke nieuwe soortgelijke vondst beïnvloedt ingrijpend de modellen voor sterevolutie en de late stadia van het sterrenbestaan. Traditioneel worden drie groepen objecten onderscheiden die krachtige radiogolven uitzenden: klassieke pulsars met perioden van fracties van een seconde, magnetars met perioden van enkele seconden, en exotische dubbelsterrestelsels met witte dwergen of neutronensterren.
ASKAP J1424 past met zijn periode van 36 minuten en zijn sterk geordende polarisatie slechts gedeeltelijk in de laatste categorie. Precies daarom wekt het zoveel interesse: het suggereert dat er in ons Melkwegstelsel hele populaties van objecten kunnen bestaan die gedeeltelijk de kloof opvullen tussen klassieke pulsars en exotische systemen met witte dwergen.
Voor wie zich niet professioneel met astronomie bezighoudt, is het het gemakkelijkst om ASKAP J1424 voor te stellen als een vuurtoren aan zee. Een ster of sterreoverblijfsel draait langzaam om zijn eigen as. Zijn magnetische veld creëert iets als twee trechters, waaruit sterke stromen van deeltjes en radiostraling ontsnappen. Wanneer deze “bundel” op de Aarde gericht is, registreren radiotelescopen een impuls. Zodra de bundel van ons gezichtsveld afwijkt, verdwijnt het signaal.
Als de rotatie erg stabiel is, herhalen de impulsen zich met bijna uurwerkachtige precisie. In het geval van ASKAP J1424 duurt dit tikken uitzonderlijk lang en onthult de polarisatie van het signaal een zeer regelmatige structuur van het magnetische veld — wat het tot een van de boeiendste objecten maakt die de moderne radioastronomie recentelijk heeft opgevangen.













